Janny de Moor Janny de Moor

Deense hapjes

Ingrediënten

Voor twee:

  • 1 prei (zonder het harde groen)
  • 200 ml water
  • zakje aardappelpuree (89 g)
  • 1 eierdooier
  • nootmuskaat
  • 2 eetlepels boter
  • halve bloemkool
  • 100 g Danish Blue

Denemarken kent maar drie origineel Deense kazen: Rygeost (verse rookkaas), Esrom (soort Port Salut) en de bekende blauwe. Toch is het land afgezet naar zijn inwonertal (ruim 5 miljoen) de grootste kaasexporteur ter wereld. En dat komt door Danish Blue (Danablu), tegenwoordig met Beschermde Oorsprongsbenaming. Dat betekent dus dat al die pakjes echt alleen daar worden geproduceerd. Opmerkelijk, als je bedenkt dat het nog maar een jong product is. De kaas gaat terug op 1874. Toen ontwikkelde Hanne Niesen op haar boerderij in Havartigården voor het eerst een kaasje dat hierop leek. Marius Boel zorgde voor een doorbraak in 1927. Hij ondekte dat magere room door homogenisatie een romiger structuur kreeg ondanks het lage vetgehalte. In de Tweede Wereldoorlog dachten Amerikanen dat zij daarvan de primeur hadden en octrooigeld konden heffen op deze kaas. Mooi niet dus!

  • De gewassen prei in plakjes 3 minuten onder deksel koken in het water. Pan van het vuur nemen. Wat prei apart leggen. Roerend met een vork de puree-poeder in de pan strooien. Eierdooier toevoegen, een egale puree maken. Op smaak brengen met gemalen nootmuskaat.
  • De bloemkool in kleine roosjes snijden met kort steeltje. Een eetlepel boter op matig vuur verhitten in een ruime anti-aanbakpan. De roosjes lichtbruin en halfgaar bakken onder deksel. Uit de pan nemen.
  • Met de hand 6 gelijke ballen maken van de preipuree. Platdrukken tot rondjes van 7 cm diameter.
  • Opnieuw 1 eetlepel boter verhitten. De pureerondjes op matig vuur aan weerszijden lichtbruin bakken (3 minuten per kant). Met bloemkoolroosjes beleggen. Brokjes kaas erover verdelen. Toegedekt doorbakken tot de kaas bijna smelt. Garneren met de achtergehouden plakjes prei.

Wijn: Shiraz.

 

Menusuggestie

  • Vooraf: Paddestoelensoep (Champignon suppe): 250 g schoongeborstelde paddestoelen in plakjes smoren in wat boter; 4 afgestreken eetlepels bloem erbij roeren, dan bij beetjes en al roerend 450 ml melk. Roerend koken tot lichtgebonden soep. Oppassen voor aanzetten. Peper en zout erdoor. Bestrooien met fijngesneden dille.
  • Na: Molshoop (Muldvarpeskud). 125 g frambozen mengen met 1 eetlepel basterdsuiker en 2 theelepels citroensap. Bergjes maken op 2 bordjes. Daarbovenop 4 eetlepels stijfgeklopte slagroom gemengd met 1 eetlepel vanillevla (of advocaat). Verkruimeld licht roggebrood en chocoladevlokken erover. Goed met een glas Ruby Port.

 

 

 

Deel recept